Streep door 12 jaar partneralimentatie

Na de eerste poging van de politiek in 2015 om de duur van de partneralimentatie te wijzigen, is er eindelijk een vervolg op deze discussie. In eerste instantie is het plan om de partneralimentatie te wijzigen afgewezen, omdat veel partijen hier kritiek ophadden. Om deze reden is er een nieuw eenvoudiger wetsvoorstel aangekondigd. De Tweede Kamer heeft inmiddels ingestemd met het wetsvoorstel. Het is nu wachten op de Eerste Kamer. Indien ook de Eerste Kamer instemt met het wetsvoorstel, dan zal deze waarschijnlijk ingaan per 1 januari 2020!

Wat houdt dit nieuwe voorstel in?

De huidige maximale termijn van 12 jaar wordt teruggebracht naar 5 jaar. De gedachte is om de duur van de partneralimentatie gelijk te trekken aan de helft van het aantal huwelijksjaren. Bent u bijvoorbeeld 2 jaar getrouwd geweest, dan zal er 1 jaar partneralimentatie betaald moeten worden.

Op deze regel zijn een drietal uitzonderingen:

1. Kinderen

Als er kinderen geboren zijn, kan de duur van de partneralimentatie gelijk worden gesteld tot het moment dat het jongste kind 12 jaar is geworden;

2. AOW-leeftijd

Als een huwelijk langer dan 15 jaar geduurd heeft, en op het moment van de scheiding binnen 10 jaar de AOW-leeftijd bereikt wordt, kan tot de AOW-leeftijd aanspraak gemaakt worden op partneralimentatie.

3. 50 jaar en ouder

Wie ouder is dan 50 jaar en langer dan 15 jaar getrouwd was, kan aanspraak maken op 10 jaarpartneralimentatie.

Helaas geldt het nieuwe voorstel alleen voor toekomstige scheidingen. Oude alimentatieverplichtingen blijven ongewijzigd bestaan. De verwachting is dat, indien het wetsvoorstel door de Eerste Kamer daadwerkelijk goedgekeurd wordt, de wijziging per 1 januari 2020 in gaat. Verder moet er rekening mee worden gehouden dat kinderalimentatie altijd voor gaat op partneralimentatie. Is er na kinderalimentatie geen ruimte meer voor partneralimentatie, dan houdt het op.

De Tweede Kamer zal op korte termijn over dit voorstel gaan stemmen. Mocht de Tweede Kamer akkoord gaan met dit wetsvoorstel dan zal ook de Eerste Kamer haar stem nog uit moeten brengen. Het is dus nog even afwachten wat het uiteindelijke resultaat van de huidige discussie zal zijn.

Partijen mogen uiteraard in onderling overleg nu al afwijken van de 12 jaarstermijn. Partijen moeten het hier dan wel over eens zijn. Een uitgelezen kans om samen in mediation op dit punt overleg te voeren. Mocht u hier samen geen afspraken over kunnen maken, dan is het belangrijk om te weten dat een rechter nog altijd erg voorzichtig is in de verkorting van de partneralimentatietermijn.

Mocht u hier nog verdere vragen over hebben, dan kunt u uiteraard vrijblijvend contact opnemen.

mr. L.A.P. van Haperen

 

‘Golden Parachute’ ging niet open voor frauderende CFO

‘Golden Parachute’ ging niet open voor frauderende CFO

Contractuele ontslagvergoeding

Het komt regelmatig voor dat werknemers in de hogere echelons van bedrijven een vooraf bepaalde beëindigingsvergoeding laten opnemen in hun arbeidsovereenkomsten.

Met het opnemen van een dergelijke ‘golden parachute clause’ wordt voorkomen dat werkgever en werknemer in de toekomst moeten steggelen over de hoogte van een financiële vergoeding, wanneer de arbeidsovereenkomst tot een einde komt.

Het opnemen van een beëindigingsvergoeding in de arbeidsovereenkomst verdient aanbeveling vanuit het perspectief van de leidinggevende werknemer (bv. CEO, CFO of COO).

De statutair bestuurder van een Nederlandse vennootschap heeft een bijzonder rechtspositie. Voor deze werknemer geldt geen preventieve ontslagtoets. Reden temeer voor de statutair bestuurder om voorafgaand aan of tijdens het sluiten van een arbeidsovereenkomst de financiële gevolgen van een beëindiging van de arbeidsrelatie schriftelijk vast te leggen.

Deze contractuele afspraken zijn juridisch afdwingbaar, uitzonderingen daargelaten!

Uitspraak Kantonrechter d.d. 25 oktober 2018*

Onlangs heeft de Kantonrechter in een fraudezaak geoordeeld toekenning van een contractueel overeengekomen beëindigingsvergoeding naar maatstaven van de redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar was.

Wat speelde er?

In deze zaak was na intern en extern onderzoek komen vast te staan dat er door de CFO meer dan € 100.000 aan privé uitgaven, zakelijk was gedeclareerd. Na het plegen van wederhoor werd de CFO op staande voet ontslagen.

De CFO is vervolgens een gerechtelijke procedure gestart. Naast de vorderingen verband houdende met het ontslag op staande voet, heeft de CFO de contractuele beëindigingsvergoeding gevorderd ter grootte van € 336.078,37. De CFO voerde aan  dat hij gerechtigd is tot dit bedrag, ongeacht de reden van de beëindiging van het dienstverband.

De Kantonrechter stelde in deze zaak voorop dat niet uit de tekst van de arbeidsovereenkomst bleek dat het de bedoeling van partijen is geweest, dat bij iedere opzegging – dus ook een opzegging wegens dringende reden/staandevoets ontslag – werknemer gerechtigd was tot de contractuele beëindigingsvergoeding.

De Kantonrechter voegde daar aan toe dat het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is dat de werkgever een beëindigingsvergoeding van een dergelijke omvang zou moeten betalen, in het geval waarin er een terecht ontslag op staande voet is gegeven en de werknemer ernstig verwijtbaar heeft gehandeld.

Conclusie

Het vooraf contractueel overeenkomen van een ontslagvergoeding verdient aanbeveling. Zeker als het gaat om de functie/positie van de statutair bestuurder. Slechts in uitzonderingsgevallen, zoals hiervoor geschetst, kan betaling niet worden afgedwongen.

* Rechtbank Amsterdam, sector kanton, d.d. 25 oktober 2018, ECLI:NL:RBAMS:2018:7718

Auteur: Otto Lenselink

November 2018

BN De Stem: Celstraffen tot 4,5 jaar voor cokesmokkel bij Puijfelik

AMSTERDAM/OOSTERHOUT – Voor de smokkel van tientallen kilo’s cocaïne via papierverwerker Puijfelik in Oosterhout gaat de 59-jarige hoofdverdachte Adrie van P. 4,5 jaar de cel in.

Zijn zwager Jack A. (60) en een mede-verdachte uit de Dominicaanse Republiek krijgen elk 3 jaar onvoorwaardelijk. Dat heeft de Amsterdamse rechtbank woensdag bepaald.

De straf voor de hoofdverdachte (59) is even hoog als de eis van officier van justitie Koos Plooij. Advocaat Wesley Welten is meteen in hoger beroep gegaan: ,,We zijn zwaar teleurgesteld. Mijn cliënt is onschuldig.’’ Hogere straf De straffen voor de twee andere verdachten vallen zwaarder uit dan de eis van 2,5 jaar cel en 6 maanden voorwaardelijk.

Tijdens de zitting twee weken geleden gaven de twee zwagers uit Breda elkaar de schuld van de cokesmokkel, in twee containers met houtbriketten uit Ecuador. Maar de rechtbank gelooft dat niet.

Volgens het OM waren beide mannen betrokken. Hij baseerde zich daarbij onder meer op onderlinge sms’jes op cruciale momenten en contacten met andere inmiddels veroordeelde medeverdachten. In totaal zat er in twee containers bestemd voor het Oosterhoutse familiebedrijf, waar Van P. werkt, 90 kilo cocaïne. De drugs werden in januari in de Antwerpse haven onderschept.

Bron: BN De Stem

Rechtsbijstandsverzekering en de vrije Advocaatkeuze

Rechtsbijstandsverzekering en de vrije Advocaatkeuze

Hoe ziet het precies met de rechtsbijstandsverzekering en de vrije advocaatkeuze? In mijn arbeidsrechtpraktijk word ik namelijk met regelmaat benaderd door werknemers met een rechtsbijstandsverzekering, die graag gebruik willen maken van mijn diensten als gespecialiseerd arbeidsrechtadvocaat. 

In eerste instantie gaat het vaak om het inwinnen van juridisch advies, zonder dat een gerechtelijke procedure aan de orde is.

Vragen die gesteld worden gaan bijvoorbeeld over dreigende loonsancties, eventuele ontslagmaatregelen, passend werk, conflicten of affaires met collega’s of een leidinggevende, re-integratietrajecten, de toepasselijkheid van een cao of de uitleg van bepalingen  uit de cao, schending van het relatiebeding of concurrentiebeding enzovoort, enzovoort.

Weigeren vergoeden advocaatkosten

Het is spijtig dat rechtsbijstandsverzekeraars op basis van de polisvoorwaarden weigeren om advocaatkosten te vergoeden, die betrekking hebben op de adviesfase. Dit stadium is namelijk vaak bepalend voor het verdere verloop en de uitkomst van de zaak.

Het afwijzen van aanvragen voor vergoeding van externe rechtsbijstand in de adviesfase is gebruikelijk. Ongeacht of het gaat om een polis die is afgesloten bij DAS Rechtsbijstand, ARAG, Stichting Achmea Rechtsbijstand (SAR), Univé Rechtsbijstand, Klaverblad Verzekeringen of ZLM.

Brengt een rechtsbijstandsverzekerde op eigen kosten de zaak toch onder bij een advocaat of jurist van zijn keuze, dan wordt zelfs het risico gelopen dat de verzekeraar, met verwijzing naar een uitsluitingsclausule in de polisvoorwaarden, geen enkele dekking meer biedt voor rechtsbijstand.

Schaduwdossier

Ter voorkoming dat in de adviesfase fouten worden gemaakt door de jurist van de verzekeraar of dat er uit kostenoverwegingen snelle oplossingen wordt gekozen met negatieve gevolgen voor de werknemer in kwestie, stel ik weleens voor om een ‘schaduwdossier’ aan te houden.

Op deze wijze blijf ik als advocaat op hoogte van de ontwikkelingen en kan ik tijdig ingrijpen of een ‘second opinion’ geven als er stappen worden gezet. Komt het tot een gerechtelijke procedure dan ben ik toch indirect betrokken geweest bij de voorfase en kan de zaak worden voortgezet in de gerechtelijke procedure, op kosten van de verzekeraar.

Rechtsbijstandsverzekeraars ontkomen namelijk niet aan de vrije advocaatkeuze en de kostenvergoeding van de door de verzekerde gekozen advocaat, voor het geval het tot een gerechtelijke procedure komt.

Verzekeraars informeren de rechtshulpbehoevende verzekerden zelden hier over. Standaard protocol is het binnen boord houden van de verzekerde bij de jurist van de verzekeringsmaatschappij of desnoods de advocaat die deel uitmaakt van het netwerkkantoor waar de verzekeraar op basis van vaste prijsafspraken zaken mee doet.

Luidt de conclusie dat u als werknemer geen rechtsbijstandverzekering moet afsluiten?

Wat mij betreft zeker niet. De maandelijkse premielast van een rechtsbijstandsverzekering is beperkt. De kosten van een advocaat zijn fors. De uurtarieven van gespecialiseerde advocaten beginnen doorgaans bij € 200,- per uur, exclusief kantoorkosten, exclusief BTW. Komt het tot een procedure dan lopen de advocaatkosten al vlot in de duizenden euro’s.

Voor een werknemer met een modaal inkomen vormen advocaatkosten een fikse aanslag op de portemonnee. Deze kosten worden bij een toegewezen vordering hoogstens ten dele gecompenseerd door de proceskostenveroordeling waarin de in het ongelijk te stellen partij doorgaans zal worden veroordeeld. De werkelijke advocaatkosten zijn vaak vele malen hoger.

Let bij het sluiten van de rechtsbijstandsverzekering wel op dat arbeidsgeschillen ook onder de dekking vallen. Menig verzekeraar heeft dit niet opgenomen in het basispakket. Sluit de verzekering ook tijdig, dus niet op het moment dat een geschil speelt of aanstaande is.

Conclusie – sluit een rechtsbijstandsverzekering af

Conclusie; het is voor een particulier doorgaans raadzaam om een rechtsbijstandsverzekering te sluiten, zodat de advocaatkosten in ieder geval gedekt zijn voor het voeren van een procedure.

Betrek in arbeidszaken in een zo vroeg mogelijk stadium een gespecialiseerd arbeidsrechtadvocaat, aangesloten bij de Vereniging Arbeidsrecht Advocaten Nederland (VAAN).

Hebt u vragen over het arbeidsrecht of wilt u rechtsbijstand, aarzel dan niet contact op te nemen. Een eerste gesprek is vrijblijvend en kosteloos.

Mr. Otto Lenselink

Breda, Oktober 2018

Wat kun je doen als je je kleinkind niet mag zien?

Wat kun je doen als je je kleinkind niet mag zien?

Als opa en/of oma heeft u iedere week op de kleinkinderen gepast, maar na de scheiding van de ouders mag u het kleinkind niet meer zien. Helaas komt deze situatie vaker voor. Uit onderzoek van TNS NIPO blijkt dat bij 53% van de grootouders het contact met de kleinkinderen na de echtscheiding duidelijk anders wordt. Daarom behandelen we de vraag: Wat kun je doen als je je kleinkind niet mag zien?

Wat kun je doen als je je kleinkind niet mag zien

Wat als dit verleden tijd is? Als u uw kleinkind niet meer mag zien?

In het leven van de kinderen spelen opa’s en oma’s vaak een belangrijke rol. Voor kinderen is het dan ook ontzettend belangrijk dat er contact blijft. Meestal blijven de grootouders na de echtscheiding een stabiele en veilige factor voor de kinderen. Juist in de moeilijke periode van een scheiding hebben kinderen behoefte aan een luisterend oor en kunnen zij extra aandacht goed gebruiken. Daarnaast kunnen grootouders kinderen op tal van manieren helpen bij de verwerking van deze heftige periode.

Geen omgangsrecht tussen grootouders en kleinkinderen

Helaas voorziet de Nederlandse wetgeving niet in een omgangsrecht tussen grootouders en kleinkinderen. Dit betekent niet dat u met lege handen staat! Ouders zullen met elkaar afspraken moeten maken over de kinderen. Deze afspraken kunnen worden neergelegd in een zogenoemd ouderschapsplan. In dit plan worden vaak ook afspraken gemaakt over het contact van de kinderen met andere familieleden.

Omgangsregeling vragen aan rechter

Ondanks dat er geen wettelijk recht op omgang met de kleinkinderen bestaat, kunnen grootouders aan de rechter vragen om een omgangsregeling vast te stellen. Op basis van vaste jurisprudentie is van belang dat grootouders kunnen aantonen dat zij  een ‘nauwe persoonlijke betrekking’ met het kind hebben. Hiervan kan sprake zijn als er al voorafgaande aan de scheiding structureel en regelmatig contact was met de kleinkinderen (bijvoorbeeld één dag per week oppassen).

De rechter zal een afweging maken tussen het belang van het betreffende kind en de grootouders. Het belang van het kind staat altijd voorop.

Vrijblijvend adviesgesprek

Mocht u benieuwd zijn of wij in uw situatie wat voor u kunnen betekenen, dan kunt u uiteraard voor een vrijblijvend adviesgesprek met kantoor contact opnemen. Onze advocaten leggen zich namelijk toe op het personen- en familierecht.

Auteur: Linda van Haperen

Verbleken behoefte

Verbleken behoefte – verbleking van de behoefte

Bij het onderwerp partneralimentatie binnen het personen en familierecht horen diverse lastig definieerbare begrippen, waaronder ‘verbleken van de behoefte’.

Op het moment dat er sprake is van een behoefte aan partneralimentatie, dat wil zeggen een bedrag dat nodig is om in het eigen levensonderhoud te voorzien waarbij rekening gehouden wordt met de levensstijl tijdens het huwelijk, wordt door de andere partner nog al eens beroep gedaan op verbleking van de behoefte.

De behoefte kan door tijdsverloop na de echtscheiding verbleken. Hiermee wordt bedoeld dat de behoefte als gevolg van het verstrijken van jaren na de echtscheiding minder kan worden of zelfs helemaal verdwenen kan zijn. Dat een beroep op verbleking in de rechtspraak niet snel aanvaard wordt, blijkt onder meer uit de recente uitspraak van de Hoge Raad van 15 juni 2018 en de uitspraak van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 14 juni 2018. Volgens het gerechtshof ’s-Hertogenbosch is een enkel tijdverloop van negen jaar niet voldoende om aan te nemen dat de behoefte verbleekt is. Het gewend raken aan een lagere inkomenssituatie is onvoldoende om aan te nemen dat de betreffende partner geen noodzaak meer heeft bij een eerder opgelegde bijdrage in de kosten van levensonderhoud (partneralimentatie).

Uit de recente rechtspraak kunnen we dus opmaken dat er, wil er sprake zijn van verbleking van de behoefte, er meer aan de hand moet zijn dan alleen verloop van tijd.

Verbleking van de behoefte – bijzondere omstandigheden

Onder bijzondere omstandigheden kan wel degelijk sprake zijn van verbleking van de behoefte. Hierbij kan gedacht worden aan de duur van het huwelijk, hoe partijen invulling hebben gegeven aan de huwelijkse jaren, de aanwezigheid van kinderen en het gedrag van de  alimentatiegerechtigde. Daarnaast zijn er nog diverse andere gronden om de partneralimentatie te wijzigen.

Mocht u benieuwd zijn of in uw situatie er redenen aanwezig zijn om de partneralimentatie opnieuw te laten beoordelen, dan kunt u uiteraard voor een vrijblijvend adviesgesprek met kantoor contact opnemen.

Linda van Haperen

BN De Stem: ‘Sluiting Bruin Caféke onterecht’

BREDA – ’t Bruin Caféke aan het Monseigneur Nolensplein vecht de sluiting van het pand aan. Na een drugsvondst besloot de burgemeester het pand voor twaalf maanden te sluiten.

In juni viel de politie het café binnen. Er werden wapens in beslag genomen. Daarnaast vond de politie er drugswikkels, cocaïne, amfetamine en hennep.

Volgens Wesley Welten, advocaat van de kroeg, was de burgemeester niet bevoegd het pand te sluiten. ,,De burgemeester heeft niet aannemelijk kunnen maken dat er sprake was van drugshandel of –gebruik in het café”, betoogde hij vanavond bij de Adviescommissie Bezwaarschriften van de gemeente.

Bij een van de bezoekers werd bij de inval 0,8 gram coke gevonden. Een handelshoeveelheid, stelt een vertegenwoordiger van de burgemeester. Daarnaast: ,,Er waren meerdere observaties van ‘loop’ in het pand. Er was naar alle waarschijnlijkheid sprake van handel.” Dat er ook drugswikkels en wapens werden gevonden, draagt daaraan bij. Genoeg reden om het pand te sluiten, vertelt zij.

Rekening

Onterecht, vindt Welten. Daarbij is er volgens hem niet nagedacht aan de gevolgen voor de exploitant van het café. Die wordt ‘de bijstand ingestuurd’: ,,’t Bruin Cafeke zit al 22 jaar in het pand. Nooit waren er noemenswaardige incidenten. Nu is er één moment dat er drie bezoekers zijn aangetroffen met drugs op zak. En wie krijgt het op zijn rekening gepresenteerd?”

Risico

Maar dat de exploitant door de sluiting financieel in zwaar weer belandt, is geen reden om het pand open te houden, zegt de vertegenwoordiger van de burgemeester. ,,Da’s geen zodanig bijzondere omstandigheid dat er afgeweken moet worden van het beleid. Wat ik lees is dat er geen inkomsten zijn. Maar dat is het risico.”

De Adviescommissie moet nu kijken of de burgemeester op juiste gronden het pand heeft gesloten. De commissie komt met een advies, daarop moet het college van B en W een besluit nemen. Dat volgt over enkele weken.

Bron: BN De Stem

BN De Stem: Shishalounge Haagdijk dicht: ‘Mijn toekomstdroom wordt me afgenomen’

BREDA – Flavours op de Haagdijk heeft de deuren moeten sluiten. De shishalounge is de vergunning kwijt. Volslagen onterecht, vindt eigenaresse Christianne Bergman (29). Zij stapte naar de Adviescommissie Bezwaarschriften.

Bergman werkte al langer in de zaak, tot ze in 2016 zelf eigenaresse werd. Zaken gingen goed, tot november 2017: de Bibop-test, een onderzoek naar mogelijke malafide praktijken. De uitkomst was negatief. In juli van dit jaar verloor Bergman daarom de drank- en horecavergunning voor Flavours.

Eigenaar

Bergmans vriend zou zich volgens de gemeente hebben voorgedaan als mede-eigenaar van Flavours. Tenminste, dat zou hij ‘herhaaldelijk’ hebben gezegd. ,,Er is sprake van een zakelijk samenwerkingsverband”, concludeert daarom een vertegenwoordiger van het gemeentebestuur.

En dat deed de alarmbellen afgaan. Haar vriend zou namelijk een aantal veroordelingen op zijn naam hebben staan. Flavours zou niet zomaar een horecazaak zijn: ,,Hij gebruikt die locatie om zijn zaken te doen”.

Cru

Niets van waar, zegt mr. Wesley Welten, de advocaat van de eigenaresse. Er is enkel sprake van een ‘amoureuze relatie’. Het stel woont samen, maar er is geen zakelijk verband. ,,Zij wordt gestraft voor iets waar ze niets mee te maken heeft. Omdat ze samenwoont met iemand die al een aantal keren veroordeeld is. Dat zij daardoor haar zaak verliest is uitermate cru.”

De schade voor Bergman is groot. ,,Dat de vergunning nu is ingetrokken betekent dat mevrouw haar inkomen kwijt is”, zegt de raadsman. ,,Op dit moment wordt ze de bijstand in gestuurd door de gemeente.”

Verleden

Bij de horecazaak is er in het verleden wel eens iets voorgevallen. Een schietpartij, een vechtpartij, een sluiting van een week. ,,Er wordt van alles bij gehaald”, zegt de eigenaresse. ,,Het wordt continu mij aangerekend. Terwijl ik toen nog niet eens de eigenaar was”, zegt zij. ,,Onder mijn bewind is er nooit iets voorgevallen.”

Aangerekend wordt het haar niet, zegt de vertegenwoordiger van het college. Maar het dient wel vermeld te worden. ,,Zo werkt het bij een drank en horecavergunning. Ook om aan te geven om over wat voor straat we het hebben.” De Haagdijk wordt daarbij ‘kwetsbaar’ genoemd: ,,Het gaat erom: wat is de inrichting, wat is de straat, wat is er al gebeurd, wat is de sfeer er om heen?”

Toekomstdroom

Bergman betoogt ook na de zitting: ,,Ik kan niet beslissen van wie ik wel of niet houd. Wat iemand doet als ik er niet bij ben, daar ben ik niet verantwoordelijk voor.” Over de verloren vergunning: ,,Ik ben de eigenaar. Het enige dat ik wilde is voor mezelf een zaak opbouwen. Ik ben nooit aangehouden, meegenomen of verhoord. Maar mijn toekomstdroom wordt me afgenomen.”

De adviescommissie gaat een advies uitvaardigen aan het gemeentebestuur. Aan het college om hier dan een besluit op te nemen. Dat volgt over enkele weken.

Bron: BN De Stem

BN De Stem: ‘Chauffeur cokebusje wist niks van verborgen lading’

BREDA/AMSTERDAM – De 30-jarige chauffeur uit Breda in wiens busje deze week 473 kilo cocaïne werd aangetroffen, zegt dat hij niet wist dat hij drugs vervoerde. ,,Hij was compleet in shock toen hij het hoorde. Hij dacht dat het busje leeg was”, zegt advocaat Menno Buntsma.

De raadsman kan verder niet ingaan op de zaak omdat zijn cliënt in beperkingen vast zit. De rechter-commissaris heeft vrijdag bepaald dat de verdachte voorlopig in de cel moet blijven voor het onderzoek.

Dubbele wand

De Bredanaar werd dinsdag opgepakt toen hij met een busje op de A2 bij Amsterdam in een verkeerscontrole reed. Politiemensen die het lege voertuig inspecteerden, kregen argwaan omdat de laadruimte van binnen kleiner leek dan van buiten. Ze ontdekten een dubbele wand met daarin 473 kilopakketten cocaïne.

Risico

Deskundigen staan te kijken van de vondst. Al vaker zijn coketransporten van West-Brabant richting Amsterdam over de weg onderschept, maar zelden of nooit zo’n groot. Doorgaans sturen drugsorganisaties veel kleinere hoeveelheden om het risico te spreiden.

Logistieke functie

West-Brabant vervult volgens de politie een belangrijke logistieke functie in de smokkel van cocaïne. Duizenden kilo’s grote transporten die meestal via de havens van Antwerpen en Rotterdam binnenkomen, worden er snel in loodsen uitgepakt voor distributie onder internationale en nationale criminele afnemers. Vorige maand werden nog twee transporten van 4 en 2,5 ton coke in Oosterhout ontdekt.

Bron: BN De Stem

BN De Stem: Weer verdachte moord Ulas Iskar aangehouden

OSSENDRECHT/SCHIEDAM – Voor de moord op Ulas Iskar (37) in Ossendrecht is afgelopen week opnieuw een verdachte aangehouden. Het gaat om een 23-jarige man van Bulgaarse afkomst uit Schiedam. De rechter-commissaris in Breda heeft vrijdag bepaald dat de man langer in de cel blijft.

Welke rol de nieuwe verdachte zou hebben gespeeld bij het misdrijf, is niet duidelijk. Politie en advocaat zeggen er inhoudelijk niets over omdat de man in beperkingen vast zit. Advocaat Menno Buntsma wil alleen kwijt dat hij ‘niet ziet dat  cliënt enige betrokkenheid heeft’.

Het Openbaar Ministerie vertelt vermoedelijk eind deze maand meer over de verdenking als er weer een tussentijdse rechtszitting is in de moordzaak.

Meer verdachten

Voor de moord op Iskar heeft justitie nu vier verdachten van Bulgaarse komaf in beeld en een man uit Nijmegen. De recherche had ook twee neven van deze verdachte op het oog, maar zij zijn later zelf doodgeschoten bij een drugsruzie in Nijmegen. Ook een vrouw uit Bergen op Zoom is kort aangehouden geweest als verdachte.

Drie kogels

Iskar werd in de nacht van 15 op 16 februari 2016 doodgeschoten in een woning aan de Burgemeester van Gilshof in Ossendrecht. Justitie denkt dat de groep van zo’n acht verdachten de wiet wilden stelen in de woning. Het slachtoffer was daar mogelijk aanwezig om de plantage te beveiligen. Hij werd met drie kogels doodgeschoten. Bij en in de woning is onder meer dna van verdachten aangetroffen.

Bron: BN De Stem